Vrije Bevrijdingsdag

Van der Laan heeft tijdens de Dodenherdenking indruk op me gemaakt. Onze held. Hartstikke ziek en toch. Hij is er.

Hij roept ons op te beseffen dat onze democratie, grondrechten en rechtstaat verworvenheden zijn die we moeten koesteren en onderhouden. En dat we, zodra onverdraagzaamheid de kop opsteekt die op tijd moeten bestrijden, zonder zelf onverdraagzaam te worden.

Ik gebruik mijn vrije Bevrijdingsdag om deze verworven- heden te koesteren. Mijn huis is uitzonderlijk stil en leeg. Mijn vent is in het Belgische bos in de weer met zijn schoonvader, kettingzaag, wielrenfiets en vuur. Mijn kinderen vermaken zich bij de opvang met verantwoorde antroposofische activiteiten. Ik ben thuis, vrij, lui, alleen, stil.

Dolly Parton zingt hard door mijn keuken. Kaarsjes aan voor hem. Ik kijk op uitzending gemist naar vrolijke Brabanders die een nudistencamping runnen in Slowakije, lees mijn boek, maak puberale selfies, lak mijn nagels en drink mijn lievelingskoffie, die met lekker veel schuim. Als ik tevreden de was van ons gezin op nette stapels rangschik moet ik denken aan de chaos, viezigheid en treurnis in het gezin waar ik gisteren was.

Aan het kleine ventje, anderhalf jaar oud en zijn zusje van acht met hun moeder. De rechter heeft het verzoek al ontvangen van Jeugdbescherming om de kinderen – tijdelijk – bij hun moeder weg te halen en de rechter doet daar volgende week zijn uitspraak over. Of de af te geven machtiging uithuisplaatsing wordt ingezet, is afhankelijk van hoe het de komende weken zal gaan. De allerlaatste kans krijgt moeder om samen met mij met zichzelf aan de slag te gaan. Er is jaren hulp in huis, maar niets leidt tot enige verbetering. Ik vraag me af wat ik hier nog aan kan toevoegen.

De moeder is heel klein van stuk, oogt jonger dan ze is, praat zachtjes en geeft me een slappe hand. Door haar dikke laag foundation zie ik haar vermoeidheid en angst. Ik ben me bewust van mijn positie ten opzichte van haar en verbijt me. Ik ben de laatste in een keten van hulp- verleners met uitzicht op iets wat onvermijdelijk lijkt; dat idee bezorgt me een naar gevoel.

Haar zoontje loopt vrolijk op me af en laat me enthousiast zijn rode plastic brandweerauto zien. Zijn grote zus vertelt me dat ze deze zomervakantie met haar vader een dagje naar de Efteling gaat, maar ze is bang dat hij zijn belofte zal verbreken. Het meisje draagt een legging, deze is vies en veel te kort. Haar haren lijken al lang niet gekamd. De moeder zit op een plastic kinderkrukje, zegt niets en kijkt versuft voor zich uit. Dan laat ze me op mijn verzoek haar huis zien, de slaapplekken van iedereen en de inhoud van de koelkast. Gelukkig; er is voldoende te eten.

Het huis is vies en verwaarloosd, ramen zijn stuk. Overal zie ik zakken vuilnis, volle asbakken en een sterke urinegeur dringt mijn neus binnen. Op de commode van haar zoontje staan drie anderhalve literflessen gevuld met knalroze ranja. Ik vraag haar waarom die daar staan. Ze vertelt me trots dat ze zo altijd een voorraad heeft voor als haar zoontje ’s nachts dorst heeft.

Nadat ik bijna gestruikeld ben  over  bergen  was  en  een driewieler in de gang, stel ik voor om samen een afspraak te maken bij het consultatiebureau waar ze het laatste half jaar tot drie keer toe zonder bericht niet is verschenen. “Mijn zoontje kan niet meer drinken als hij een prikje heeft gehad. Ik durf niet meer te gaan.” Toch belt ze, ter plekke, met mijn telefoon. Haar beltegoed is op. Ik zeg haar dat ik mee zal gaan.

Als ik wegga belooft ze me plechtig dat ze, wanneer de vader voor de deur staat, niet open doet maar 112 zal bellen. Ze is niet bang voor hem, zegt ze. Ik weet dat hij onberekenbaar en gevaarlijk is. Ze belooft me dat ze dit weekend echt gaat opruimen. En dat ze ervoor zorgt dat ik maandag met haar moeder, zusje en vriendin kan praten om hen om hulp te vragen. “Ik zal vechten tot ik niet meer kan”, belooft ze en ploft vervolgens futloos op de bank die bezaaid is met troep.

Ik weet dat dit haar allemaal niet zal gaan lukken en dat spijt me zo ontzettend. Was iedereen maar zo krachtig en wijs als onze Eberhard.

 

  2 comments for “Vrije Bevrijdingsdag

  1. May
    mei 5, 2017 at 9:50 pm

    Petje af en dank voor dit verhaal Eva.
    Stof om na te denken over ongelijkheid, over kracht en onmacht, over mazzel en pech, over talenten en een gebrek daaraan. Over mededogen.

  2. Sylvie
    mei 5, 2017 at 9:59 pm

    Ohhh zo herkenbaar Eef! Mooi geschreven, voel direct de wanhoop omdat je het iemand gunt maar weet dat dat niet reëel is…Pfff petje af! X

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *